![]() |
De kwelling die ongewenst urineverlies heet en hoe je dat kunt voorkomen. |
Zo’n jaar of 10 geleden zat ik in de zomerse avondzon buiten te borrelen in de tuin van een vriendin. In een overmoedige bui sprong ik op de grote trampoline die daar stond.
Mijn enthousiasme werd snel getemperd: licht urineverlies. Ik besloot gelijk mijn bekkenbodemspieren aan te pakken. Maar het bleef bij wat halfslachtige Kegel-oefeningen* doen.
Urineverlies
Inmiddels ben ik 57. Gelukkig sport ik sinds een jaar regelmatig. Maar de blaascontrole blijft toch een dingetje. Als ik veel gewicht van de grond moet tillen, zorg ik ervoor dat mijn blaas leeg is. Zeker nadat ik de natte plek in de sportbroek van een van mijn mede-sporters heb mogen aanschouwen... Help, zoveel controleverlies wil ik niet! Ook niet als ik 88 jaar ben straks.
Dus ik moet mijn Tena-ladymomentje zien af te stellen. Uit ervaring weet ik dat er meer nodig is dan wat halfslachtig Kegel-werk en 3x sporten (waaronder fietsen, hardlopen,
zwemmen en krachttraining) in de week. Bijvoorbeeld door mijn blaas te trainen zolang mogelijk zo vol mogelijk te worden.
Dat is overigens gelukt. Maar als ik een overvolle blaas heb en niet in de buurt van een toilet ben, begin ik ‘m toch steeds vaker (letterlijk) te knijpen. Ontspannen blijven en rustig op zoek gaan naar een toilet levert overigens het beste resultaat op; of gefocust zijn op iets heel anders.
Adrenalinestoot
Een enorme adrenalinestoot helpt ook. Zo greep ik laatst gelukzalig naar de voordeur van mijn flat toen er een wildvreemde man ineens in de opening stond. Van mijn overvolle blaas die echt op knappen stond, was niks meer te merken. Geen centje last meer van. Ik was gelijk op mijn qui-vive. Ik vroeg wie hij was en wat hij hier deed. Tot mijn opluchting was hij een nieuwe buurman.
Het helpt ook om zo min mogelijk blaasprikkelende stoffen te nuttigen, zoals bijvoorbeeld pepers, plastabletten (diuretica), antidepressiva, alcohol, cafeïne, nicotine en drugs. Overgewicht speelt sowieso een negatieve rol in dit blaasverhaal.
Hoesten en niezen
Hoewel ik dus alle zeilen bijzet, vind ik het resultaat nog niet optimaal. In de afgelopen weken heb ik de longen uit mijn lijf gehoest en geproest vanwege een of ander griep- en verkoudheidsvirus dat ik had opgelopen. Ik ben helaas niet helemaal succesvol gefinisht in deze marathon blaascontrole.
Ik heb zomaar het idee dat mijn zittende beroep parten begint te spelen. Ik zit vaak veel langer dan de limiet van 30 minuten. Daar kan een blaas (die in de wand spieren heeft) niet per se sterker van worden, lijkt mij. Dus ik sta tegenwoordig bewust wat sneller op. Mijn sporthorloge die af en toe zegt: tijd om te bewegen, helpt me daar overigens bij.
Mictietraining
Gelukkig ben ik niet onzeker over de controle over mijn blaas. Maar zover wil ik het dus ook niet laten komen. Je kunt er zelfs depressief door worden, schijnt! Dus heb ik besloten om de mictietraining onder begeleiding van een fysiotherapeut te gaan doen.
Deels ook uit nieuwsgierigheid zodat ik jou uit eigen ondervinding er iets over kan vertellen. De mictietraining heeft tot doel, vrij vertaald, het beheersen van de aandrangreflex waardoor zowel het aantal toiletgangen als de blaascapaciteit wordt vergroot.
Ruim de helft
Ik voel me ook aangevuurd door mijn intuïtie. Vandaag herinnerde ik me ineens dat mij tijdens een congres van Women Inc. ter ore kwam dat ruim de helft van alle vrouwen tussen de 30 en 65 jaar weleens last heeft van urineverlies.
En dat geen van de honderden aanwezige vrouwen in deze leeftijdscategorie desgevraagd haar hand durfde op te steken. We hadden eensgezind nergens last van. Dat soort informatie stimuleert me echt om aan de bak te gaan. Tena-lady de wereld uit!
Dus dit onderwerp wordt vervolgd. Als je nog wensen hebt voor je werkende toekomst kan ook jij een zwakke blaas immers helemaal niet gebruiken. Dus ga in ieder geval bij jezelf na in hoeverre je tevreden bent over de controle over je blaas en hoe je die kunt vandaag nog kunt verbeteren.
*Informatie over Kegel-oefeningen vind je in mijn boek 'Alles wat je moet weten over de overgang' en op veel sites op het internet.
Foto
