![]() |
Enige tijd geleden schreef ik ook een blog met de titel Slappe Hap. Toen ging het over mijn benen. |
Ondanks als mijn getrain, gezwem en gefietst worden mijn benen steeds slapper. Mijn balans is solidair en gaat eveneens gestaag achteruit. Met als resultaat dat ik maximaal een kwartier kan lopen, achter de rollator.
Ik kan ook niet langer staan dan kwartier. Ik moet me dan wel vasthouden, bijvoorbeeld aan een tafel, een aanrecht of wederom de rollator. Langer staan gaat niet. Ik zak door mijn knieën of val gewoon om. Lastig, maar prima mee te leven.
Ik heb eerder blogs geschreven over mijn incontinentieklachten; vele MS patiënten met mij hebben hier last van. Dat kan variëren van niet goed leeg kunnen plassen en dus continue aandrang voelen, tot het niet op kunnen houden van de urine met als gevolg ongelukjes. En om die te voorkomen draag ik luiers. Voor het geval dat. Ik schreef het eerder: zonder Tena ga ik de deur niet uit.
Omdat ik niet goed leeg kan plassen, heb ik regelmatig een blaasontsteking, als gevolg van die altijd halfvolle (of halflege) blaas. Lekker dan. Ik ben vaste klant bij de huisarts met mijn gele plaspotje. Ik hoef mijn naam niet meer te noemen. Reactie van de assistente: ‘ben je er weer’, mijn antwoord: ‘ja, ik ben er weer’.
Omdat de klachten niet afnemen maar toenamen, dat heb je zo met een progressieve ziekte, had ik vandaag een afspraak bij de uroloog. Ik ken het stramien, been there, done that. Ervaringsdeskundige om het zo maar te zeggen.
Ik moet eerst uitplassen op een gewone wc. Dan in mijn blote niksie op de behandeltafel gaan liggen. Benen wijd, mijn onderkantje vol in het zicht. De verpleegkundige smeert een beetje gel op mijn blaas en meet dan hoeveel urine er is achtergebleven. Terwijl ik dacht dat ik helemaal leeg was, bleek er toch een aanzienlijke hoeveelheid urine achtergebleven te zijn.
Daarna kwam de uroloog. Die bracht eerst een katheter in. Al klaterend leegde ze zo mijn blaas. De urine werd opgevangen en opgemeten. Daarna bracht ze een camera in (jawel, dat kan allemaal in dat kleine gaatje).
Samen met haar kon in naar mijn eigen blaas kijken. Het zag er raar uit, ik kon er geen chocola van maken. Maar de arts was deels tevreden. Geen ontstekingen, maar ze constateerde een slappe baas. Geen sixpack, maar een slappe hap dus. Kenmerkend voor MS patiënten.
Bij het nagesprek vatte ze alles nog even samen. Mijn rapportcijfers zijn als volgt:
- Er blijft teveel urine achter.
- Ik heb een te slappe baas.
Het is een kip- en het eiverhaal. Doordat mijn blaas te slap is, kan ik niet goed uitplassen. Doordat er teveel urine achterblijft, worden de blaasspieren steeds slapper enzovoort enzovoort. Conclusie: ik moet toch weer beginnen met twee keer per dag zelf katheteriseren. Dan is mijn blaas in ieder geval 2x per dag leeg.
Op papier een goed plan, ware het niet ik dat zelf katheteriseren weer moet leren, ik heb het ooit gekund. Geloof me, het is ongelooflijk ingewikkeld. Wij vrouwen zijn raar geschapen. Ons plasgaatje is heel klein, de vagina zit er vlakbij.
Met andere woorden, als je daaronder iets probeert in te brengen (nee, dit gaat niet over seks), zit je al snel in het verkeerde gaatje. En als er 1 ding zeker is bij MS is het dat het geen garantie is dat ik ‘wat ik ooit heb gekund’ nog kan.
Een soort omgekeerde Pipi Langkous: 'ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan'. In mijn geval: 'ik heb het vroeger gekund, dus weet niet of ik het gezien de progressie van de ziekte nog steeds kan'. Mijn fijne motoriek is ook niet meer wat het geweest is.
Lang verhaal kort. Ik ga het weer proberen. Dat gefriemel met die katheter en dat veel te kleine plasgaatje. Ik hoop dat het lukt. Zo niet, dan heeft de uroloog me een opfriscursus aangeboden. Altijd leuk. Ik hoef me niet te vervelen. Wordt vervolgd.
